Aanscherping mensenhandel en prostitutiebeleid

Nachtclub op de Wallen.jpgdonderdag 13 september 2018 23:49

Mensenhandel vindt veel meer plaats dan wij vaak denken. De ChristenUnie is blij met de extra inzet die de gemeente wil doen voor het signaleren van mensenhandel en voor het organiseren van de zorgcoordinatie. Tegelijk zien wij nog mogelijkheden om het beleid aan te scherpen.

Voorzitter, mijn bijdrage heb ik opgedeeld in twee delen. Ik zal eerst ingaan op de brief over de aanpak van mensenhandel en vervolgens op het collegevoorstel over het moderniseren van de APV als het gat om prostitutie

Allereerst mensenhandel. Helaas is mensenhandel moeilijk te signaleren en te bewijzen. De afgelopen jaren zijn er per jaar enkele signalen van mensenhandel. Dat is voor een stad met de omvang van Haarlem erg weinig als je kijkt naar hoe vaak het volgens deskundigen voorkomt. We moeten dus veel beter gaan signaleren.

De sleutelfunctionaris mensenhandel is verantwoordelijk voor het trainen van medewerkers in het herkennen van signalen. Er is een e-learning maar het is niet bekend hoeveel medewerkers deze hebben gevolgd. Hoe zit dat? Zo’n e-learning zou gewoon verplicht moeten zijn en dit zou moeten worden gemonitord. Bij mijn vorige werkgever was dat vaste prik. Je ontving een oproep voor een e-learning en moest deze gewoon binnen een paar weken doen. Dit werd geautomatiseerd bijgehouden. Wil zo’n training effectief zijn dan zal deze ook regelmatig moeten worden herhaald. In Hilversum doen ze dat bijvoorbeeld 2x per jaar.

Ik hoor ook dat professionals in bijvoorbeeld de jeugdzorg nog onduidelijk is waar ze signalen kunnen doorgeven wie het dan oppakt. Het college signaleert dat ook. Ik mis het alleen een beetje in de actielijst.

Er zou ook veel meer ingezet kunnen worden op actief zoeken, mensenhandel controles door bijvoorbeeld de vreemdelingenpolitie. Nu zijn er met name prostitutie controles. Gaat dit gebeuren? Ik lees in de brief dat de AVIM, of te wel de vreemdelingenpolitie in de integrale aanpak belast is met het (strafrechtelijk) onderzoek naar signalen van mensenhandel en waarbij het RIEC de integrale aanpak ondersteund, werkt naar behoren en dient te worden voortgezet. In de toelichting op de APV staat dat het toezicht op de prostitutiebranche geïntensiveerd doordat gemeenten een deel van het toezicht op de prostitutie- branche – met name het bestuurlijk toezicht dat nu nog aan de politie is gemandateerd – van de politie over gaan nemen, zodat de politie zich meer kan concentreren op de strafrechtelijke handhaving. Komt hiervoor extra capaciteit beschikbaar bij handhaving?

En wat doet de gemeente vervolgens met signalen die binnenkomen? Ik krijg de indruk dat deze vooral vanuit juridisch oogpunt worden bekeken of er sprake is van mensenhandel en veel minder of helemaal niet vanuit zorg. De ChristenUnie vindt dat we veiligheid en zorg veel meer met elkaar moeten verbinden. Als mensenhandel niet aangetoond kan worden, maar er zijn wel signalen, is er dan niet ook een zorg opgave? Ik lees wel over de belastingdienst en het OM, maar niets over opvang en het uitstapprogramma.

Fijn dat er nu samen met andere gemeenten ingezet gaat worden op zorgcoördinatie. Wat betreft de ChristenUnie moet dit niet alleen gaan om zorgcoördinatie van mensenhandel slachtoffers maar ook dus om zorgcoördinatie van mensen in het grijze gebied waar wel signalen zijn maar mensenhandel of uitbuiting nog niet aangetoond is. Soms duurt het een tijdje voordat je een dossier rond kunt krijgen, maar we moeten met zorg daar niet op gaan wachten! Wordt dat ook geregeld via die zorgcoördinatie functie?

De ChristenUnie heeft ook de indruk dat signalen nog te weinig worden herkend omdat ze niet gestapeld worden, ook als er meerdere gesprekken zijn geweest met vermoedelijke slachtoffers. Tenminste dat begrijp ik van deskundigen. Hoe gaan we dat intelligenter doen?

Er wordt gesproken over opvang in de regionale centra. Waar is dat dan? Ik krijg signalen dat er momenteel alleen sprake is van crisisopvang in de regio. Klopt dat? Overigens kan het best goed zijn om slachtoffers juist buiten de regio op te vangen in landelijk gespecialiseerde centra zodat ze echt afstand kunnen nemen. Is dit goed ingeregeld?

Tenslotte valt mij op dat de brief niets zegt over jeugdprostitutie en loverboys en lovergirls. Dit mensenhandel fenomeen verdient blijvend aandacht. Wat doet Haarlem op dat vlak?

Aanpassing APV

Dan kom ik bij de APV. Dit voorjaar heeft de Raad de modernisering van APV hoofdstuk over prostitutie even on hold gezet. De ChristenUnie betreurde dit omdat we al zo lang hier op wachten maar is blij dat we nu opnieuw hierover spreken. Wij hopen dat we in de komende raad het hoofdstuk echt kunnen gaan vaststellen.

De noodzaak om het APV hoofdstuk aan te passen is namelijk onverminderd hoog. In zowel de legale als illegale prostitutie is er grote kans op misstanden als uitbuiting en mensenhandel. Er zijn daarom strenge regels en strikte handhaving nodig.

De ChristenUnie is blij dat we nu eindelijk het prostitutiehoofdstuk van de APV aanscherpen en o.a. de minimumleeftijd van prostituees verhogen. Toch stellen wij nog een paar aanpassingen voor en dat zijn met name punten uit de modelverordening die het college vreemd genoeg niet overneemt terwijl veel andere gemeenten dat wel doen.

Wij hebben voor al deze punten amendementen voorbereid. Deze zullen jullie bekend voorkomen want die hadden we ook al klaarliggen voor de gemeenteraadsvergadering van 18 februari 2018.

  • Allereerst het bedrijfsplan in artikel 3.15. Dat moet straks regelen dat exploitanten alles doen om strafbare feiten te voorkomen en zorg te dragen voor de hygiene, veiligheid en gezondheid van prostituees en klanten. Dit wil het college allemaal in nadere regels verwerken. En dat terwijl er een mooie modelverordening is waar goed over nagedacht is en die al in andere gemeenten zoals Amsterdam is ingevoerd. Waarom deze niet gewoon overnemen met de optie om zo nodig nog nadere regels te stellen?

  • Artikel 3.5 over het maximum aantal seksinrichtingen en het maximum aantal werkruimten uit de modelverordening is niet opgenomen. De ChristenUnie wil het aantal bevriezen zodat er geen nieuwe seksinrichtingen bij kunnen komen… Momenteel zijn er 12 vergunde seksinrichtingen terwijl er 26 zouden mogen.

  • Raamprostitutie blijft met deze APV mogelijk bij vergunde inrichtingen. De ChristenUnie vindt raamprostitutie mensonwaardig. Hier moet echt een einde aan komen. Daarom stellen wij voor artikel 3.18 lid 2 te schrappen

  • Artikel 3.6 over de gegevens die nodig zijn voor de aanvraag van de vergunning, artikel 3.8 over de vereisten voor de vergunning (zoals het opnemen van een telefoonnummer zodat dit niet steeds gewijzigd kan worden) en artikel 3.10 over meldingsplicht bij gewijzigde omstandigheden. Waarom zijn deze niet opgenomen? Jullie raden het al: ook hier stellen wij voor de modelverordening van de VNG te volgen.

  • In artikel 3.12 lid 3 uit de model APV is geregeld dat een prostituee ’s nachts niet aanwezig mag zijn in de inrichting. Het college vindt deze bepaling niet nodig en wil zich alleen richten op de openingstijden van de exploitant. Als een prostituee echter slaapt in de inrichting is haar afhankelijkheid van de exploitant nog veel groter. Bovendien wordt handhaving hierdoor lastiger. Wij willen daarom deze bepaling wel opgenomen hebben.

  • Artikel 3.12 lid 4 regelt dat minderjarigen niet aanwezig mogen zijn in seksinrichtingen. Het college wil echter de mogelijkheid hebben om hier in de vergunning van af te wijken. Dit is een toevoeging ten opzichte van de modelverordening die mijn fractie onnodig en onwenselijk vindt. Schrap die toevoeging. Een seksinrichting is geen plaats waar minderjarigen moeten kunnen verblijven. In mijn amendement corrigeer ik overigens tevens een technische fout in dit artikel.

  • Ik mis ook artikel 3.16 die regelt dat werkruimten voor een minimale periode verhuurt worden zodat het snel rouleren van prostituees wordt bemoeilijkt.

  • Tenslotte mis ik artikel 3.21 uit de modelverordening dat een verbodsbepaling voor klanten regelt. Zoals een verbod op het gebruik maken van diensten van straatprostituees en een verbod op gebruik te maken van seksuele diensten bij een redelijk vermoeden dat er sprake is van een illegale situatie. Het kan niet zo zijn dat we de exploitanten (terecht overigens!) van alles opleggen maar dat de klant geheel buiten schot blijft.

« Terug