Einde aan energienota huurwoningen Haarlem

WP_20160122_14_39_51_Provrijdag 22 januari 2016 14:21

Alle sociale huurwoningen in Haarlem moeten nul-op-de-meter worden of te wel: goed geïsoleerd en zelfvoorzienend in duurzame energie. Dit staat in een motie van de ChristenUnie die de gemeenteraad heeft aangenomen. Raadslid Frank Visser: “Vanaf 2035 moet elke nieuw verhuurde sociale huurwoning nul-op-de meter zijn. Om dat te bereiken moeten we vanaf nu elk jaar een paar procent van de voorraad verbouwen. De eerste nul-op-de-meter woningen zijn inmiddels al opgeleverd aan de Hof van Egmond in de Slachthuisbuurt. Hopelijk volgen er snel meer!”

De gemeenteraad sprak over de ambities voor de nieuwe woonvisie. Het college legt daarbij de nadruk op betaalbaarheid, beschikbaarheid en kwaliteit. Bij de bespreking in de raadscommissie ontwikkeling gaf de ChristenUnie al aan dat deze ambities mooi zijn maar te weinig concreet. Frank Visser: “Via diverse moties heeft de gemeenteraad daarom het college gisteren huiswerk gegeven. Nu starten de onderhandelingen met de woningcorporaties. Er ligt al een bod maar volgens de wethouder is dit te mager. Wat betreft de ChristenUnie worden de ambities meer integraal bekeken en met een duidelijke lange termijnvisie. Je kunt wel zeggen dat er 21000 sociale huurwoningen in Haarlem moeten zijn, maar het maakt nogal uit of dit huurwoningen van 500 of 600 euro zijn en of het om goed geïsoleerde woningen gaat of om woningen die zo tochten dat je maandelijks tientallen euro’s meer kwijt bent voor je energierekening”

Voorzitter, de aanvullende uitgangspunten voor de woonvisie moeten wat betreft de ChristenUnie meer SMART worden geformuleerd

Wat betekent “op peil blijven” van het aantal sociale huurwoningen? Ergens in de bijlage staat dat het aantal het eerste paar jaar juist nog daalt. Er verdwijnen er niet meer zoveel als wat het college eerder dacht dat kon, maar toch: is dit wel voldoende gezien de komst van meer statushouders en is wat wij gaan bouwen voor deze groep nu wel of niet al meegenomen in de cijfers?”

Ook wil de ChristenUnie weten of het college het met ons eens is dat de wachtlijsten niet verder mogen oplopen. En zo ja: hoe gaan we dat doen? Ik wil niet zoals sommige andere partijen een absoluut verbod op sloop, verkoop of liberalisatie maar dat betekent dus dat als de vraag toeneemt we meer en sneller moeten bouwen.

Betaalbaarheid, beschikbaarheid en kwaliteit moeten wat betreft de ChristenUnie veel meer aan elkaar worden gerelateerd. Daarom dien ik de motie “Prestatieafspraken over woonlasten” in. Uiteindelijk is dat namelijk waar we op moeten gaan sturen volgens de ChristenUnie. Daar zijn nog wat hobbels, zoals de landelijke regels over passend toewijzen, maar laten we kijken wat er mogelijk is om zo snel mogelijk uit te gaan van het denken in woonlasten.

Qua duurzaamheid moet het ook ambitieuzer. Er is meer mogelijk dan gemiddeld label B. Ik heb dan ook de motie over hogere ambities op dit punt meegetekend. Maar eigenlijk gaat het A++ label in deze motie wat mij betreft nog niet ver genoeg. Waar willen we naar toe? Naar energieneutraal, dat is ook de norm vanuit Europa voor 2050 zo heb ik begrepen. Daar moeten we nu al aan beginnen want je kunt slechts een paar procent van de voorraad per jaar aanpakken. Dan kan dat dus betekenen dat je woningen die je op redelijk korte termijn wilt gaan slopen naar label B brengt maar dat je bij andere woningen juist in 1x doorstoot naar nul-op-de-meter omdat een tussenstap met investeren in label B of A niet efficiënt is. Kortom: een lange termijnvisie en stappenplan om daar te komen is nodig. Vandaar de motie naar nul op de meter in 2035 die ik indien samen met PvdA, D66, GroenLinks, SP, Trots Haarlem en VVD.

Er is ook een motie om te kijken naar de behoefte aan zorgwoningen. Deze steun ik van harte. Ik merk op dat het college een betere toegankelijkheid als uitgangspunt heeft. Wat is dit uitgangspunt waard? Eigenlijk zou hier analoog aan de motie over nul-op-de-meter ook een soort lange termijnvisie op moeten komen. Vanaf 2035 moet wat ons betreft elke nieuwe te verhuren woning toegankelijk zijn. Ik heb hier geen motie over, maar ik geef het graag mee aan het college.

Dan de ongedeelde stad, een motie van de PvdA die vraagt om meer sociale huurwoningen in het westelijk deel van Haarlem om zo het verlies van sociale huurwoningen in het oostelijk deel te compenseren. De ChristenUnie steunt de inzet op meer differentiatie in oost. Deze stedelijke vernieuwing en meer mengen van verschillende bevolkingsgroepen is goed voor de stad. Ik deel ook de mening dat er meer sociale huurwoningen in west nodig zijn. We moeten echter hard zoeken naar locaties. Er zijn best locaties te vinden zoals mogelijk ten zuiden van het voormalige expeditieknooppunt langs het spoor naar Leiden. Maar als het niet lukt om voldoende sociale huurwoningen in west te bouwen dan gaat het bestrijden van de wachtlijsten voor de ChristenUnie voor. Kortom: dan moeten we in Haarlem Oost zoeken naar meer bouwlocaties. Ik zal de motie dus steunen vanuit de intentie die er uitspreekt maar het is voor de ChristenUnie geen absoluut gegeven dat alle sociale huurwoningen die verdwijnen in oost gecompenseerd moeten worden in weest.

Tenslotte: de nota gaat alleen maar over de woningbouwcorporaties. Hoe staat het met het benaderen van andere marktpartijen? Deze hebben steeds meer interesse om ook voor de lagere inkomens te bouwen met nieuwe concepten. Eerder heb ik hierover de motie “goedhuurwoningen” ingediend. Hoe staat het met de uitvoering daarvan?

 

MOTIE Naar nul op de meter in 2035

De gemeenteraad van Haarlem in vergadering bijeen op 21 januari 2016,

in beraadslaging over Aanvullende uitgangspunten Woonvisie 2012 – 2016, duurzame ongedeelde woonstad

Constaterende dat:

  • Het nu al mogelijk is sociale huurwoningen na nieuwbouw of renovatie op te leveren die nul-op-de-meter zijn, dat wil zeggen dat ze voldoende energie produceren voor de eigen behoefte aan zowel warmte als energie;
  • Investeren in labelsprongen naar label B of label A kunnen leiden tot suboptimale investeringen omdat dan de “makkelijke” maatregelen worden genomen, waarna het, afhankelijk van de ingreep, vaak jarenlang niet rendabel is om te investeren in een volgende labelsprong omdat de eerdere investeringen dan moeten worden teruggedraaid terwijl ze nog niet zijn afgeschreven;
  • Landelijk de koers al lang verlegd is naar nul-op-de-meter woningen en deze aanpak de komende jaren fors wordt opgeschaald en de norm wordt;
  • Investeren in kleine labelsprongen eigenlijk alleen interessant zijn als al duidelijk is dat woningen binnen redelijke termijn worden gesloopt en verdergaande investeringen daarom niet rendabel zijn;
  • Investeren in nul-op-de-meter voor de bestaande woningvoorraad een lange termijnvisie vraagt in plaats van een visie die slechts enkele jaren vooruit kijkt;

Verzoekt het college:

De toegelaten instellingen te verzoeken het uitgangspunt dat elke sociale huurwoning die vanaf 2035 wordt verhuurd aan een nieuwe huurder nul-op-de-meter is uit te werken en hiertoe een lange termijn routekaart op te stellen voor de overschakeling van de totale voorraad sociale huurwoningen naar nul-op-de-meter en dit op te nemen in het bod dat ze voor de prestatieafspraken in juli 2016 aan de gemeente moeten voorleggen.

En gaat over tot de orde van de dag.

Frank Visser, ChristenUnie

Marceline Schopman, PvdA

Anne Feite Bloem, SP

Wybren van Haga, VVD

Fenna Cannegieter, D66

Robbert Berkhout, GroenLinks

Sander van den Raadt, Trots Haarlem

MOTIE Prestatieafspraken over woonlasten

De gemeenteraad van Haarlem in vergadering bijeen op 21 januari 2016,

in beraadslaging over Aanvullende uitgangspunten Woonvisie 2012 – 2016, duurzame ongedeelde woonstad

Constaterende dat:

  • Wordt voorgesteld de vastgestelde kaders in de Woonvisie 2012-2016 aan te vullen met uitgangspunten betreffende betaalbaarheid, beschikbaarheid en kwaliteit voor de in Haarlem toegelaten instellingen (woningcorporaties);
  • Deze uitgangspunten nog worden vertaald in prestatieafspraken met de toegelaten instellingen;
  • Deze uitgangspunten ook een onderlinge relatie hebben;
  • Het bijvoorbeeld voor de omvang van de sociale huurvoorraad (beschikbaarheid) veel uitmaakt in welke prijscategorieën (betaalbaarheid) deze sociale huurwoningen vallen en andere gemeenten de prestatieafspraken over beschikbaarheid daarom ook differentiëren in goedkope huur, betaalbare huur en hoge sociale huur;
  • Een investering in energiebesparing (kwaliteit) kan leiden tot een hogere huur, maar toch tot een meer betaalbare woning omdat de energielasten afnemen;

Verzoekt het college

In de prestatieafspraken met toegelaten instellingen de afspraken over betaalbaarheid, beschikbaarheid en kwaliteit aan elkaar te relateren en SMART te formuleren door afspraken te maken over de minimale voorraad goedkope, de minimale voorraad betaalbare en de minimale voorraad overige sociale huurwoningen waarbij voor deze onderverdeling wordt gekeken naar de totale woonlasten (dus netto huur + energielasten);

En gaat over tot de orde van de dag.

Frank Visser, ChristenUnie

« Terug